Hieronder de tekst van Nobelprijswinnaar- natuurkunde Ivar Giaever en 16 andere wetenschappers.

 

Er zijn geen overtuigende argumenten om de wereldeconomie 'koolstofvrij' te maken'

Een groep van zestien wetenschappers verklaart dat er geen overtuigende wetenschappelijke argumenten zijn om de wereldeconomie met drastische maatregelen 'CO2-vrij' te maken.

Wie in een hedendaagse democratie een hoge politieke functie ambieert, zoals het presidentschap van de VS, moet zich afvragen of er iets tegen de 'opwarming van de aarde' moet worden gedaan en, zo ja, wat. De kandidaten moeten dan wel weten dat de veelgehoorde bewering dat bijna alle wetenschappers eisen dat er iets drastisch moet gebeuren om de opwarming van de aarde tegen te gaan, niet waar is. Er is juist een grote en groeiende groep vooraanstaande wetenschappers die helemaal niet vindt dat vergaande actie stegen opwarming vereist zijn.

Broeikasgassen

Vorig jaar september zegde Nobelprijswinnaar Ivar Giaever, natuurkundige en aanhanger van president Obama, zijn lidmaatschap van de American Physical Society (APS) op met een openbare brief die zo begint: 'Ik heb mijn lidmaatschap niet verlengd, want ik ben het oneens met deze APS-beleidsuitspraak: 'De bewijzen zijn onweerlegbaar: er is sprake van opwarming van de aarde. Als er geen tegenmaatregelen worden genomen, zal dit waarschijnlijk leiden tot aanzienlijke ontregeling van natuurlijke en ecologische systemen, sociale systemen, veiligheid en volksgezondheid. Er moet onmiddellijk een begin worden gemaakt met het reduceren van de uitstoot van broeikasgassen'.'

Er mag dus binnen de APS wel worden gediscussieerd over de vraag of de massa van een proton in de loop der tijd verandert en hoe een multiuniversum zich gedraagt, maar de bewijzen dat de aarde opwarmt zijn onweerlegbaar?'

Weerbarstige feiten

Ondanks een al tientallen jaren durende, internationale campagne om de boodschap te benadrukken dat door toenemende hoeveelheden van de 'vervuiler' koolstofdioxide (CO2) de beschaving ten onder zal gaan, delen grote aantallen wetenschappers, onder wie vele prominenten, de mening van Giaever. En ieder jaar komen er meer van deze wetenschappelijke 'ketters' bij. De reden? Een verzameling weerbarstige wetenschappelijke feiten.

Aambeeld

Een wel zeer ongemakkelijk feit is dat er nu al ruim tien jaar geen sprake is van opwarming. Dat weet het 'opwarmings-establishment' best, zoals blijkt uit de 'Climategate'- e-mail uit 2009 van klimaatwetenschapper Kevin Trenberth: 'Het is een feit dat we het huidige uitblijven van opwarming niet kunnen verklaren, en het is bespottelijk dat we dat niet kunnen.' Maar het uitblijven van die opwarming is alleen maar raar als je gelooft in computermodellen waarin zogeheten terugkoppelingen van waterdamp en wolken het geringe effect van CO2 sterk vergroten.

Dat er al tien jaar geen opwarming plaatsvindt - en dat die opwarming geringer is dan voorspeld in de 22 jaar dat het Intergovernmental Panel on Climate Change (IPCC) van de VN voorspellingen doet - wijst erop dat de computermodellen de hoeveelheid opwarming die extra CO2 kan veroorzaken, schromelijkhebben overdreven. Dat is genant voor de klokkenluiders en die zijn nu op een ander aambeeld gaan hameren: dat van extreem weer, om daarmee elk ongewoon verschijnsel in ons chaotische klimaat aan CO2 te kunnen toeschrijven.

Geen vervuiler

In feite is CO2 geen vervuiler, maar een kleur- en reukloos gas dat we allemaal in hoge concentraties uitademen en dat een belangrijke component is van de levenscyclus in de biosfeer. Planten gedijen zoveel beter met meer CO2 dat glastuinbouwers de concentratie CO2 vaak met een factor drie tot vier verhogen voor een betere oogst. Vreemd is dat niet, als je bedenkt dat planten en dieren zijn ontstaan toen het CO2-gehalte tien keer zo hoog was als nu. De enorme toename in landbouwopbrengsten in de afgelopen eeuw zijn grotendeels te danken aan betere plantensoorten, kunstmest en beter beheer, maar een deel van die toename komt bijna zeker voor rekening van meer CO2 in de atmosfeer.

Hoewel het aantal wetenschappers dat er openlijk een andere mening op nahoudt, toeneemt, zeggen veel jonge wetenschappers besmuikt dat hoewel ook zij ernstige twijfels hebben over het opwarmingsverhaal, zij dat niet durven zeggen uit angst dat ze niet worden bevorderd - of erger. Die vrees is bepaald niet ongegrond. In 2003 had Chris de Freitas, redacteur van het tijdschrift Climate Research, de euvele moed om een peer reviewed artikel te publiceren dat de politiek incorrecte, maar feitelijk correcte conclusie trok dat de recente opwarming niet ongebruikelijk is in de context van klimaatveranderingen van de afgelopen duizend jaar. Het internationale opwarmingsestablishment begon onmiddellijk een campagne om De Freitas zijn redacteurschap te ontnemen en hem als universiteitsmedewerker te laten ontslaan. Gelukkig behield De Freitas zijn baan aan de universiteit.

Subsidies

Waarom roept de opwarming zoveel emotie op en waarom is de kwestie zo omstreden geworden dat de American Physical Society, waarvan Giaever het lidmaatschap heeft opgezegd, weigert in te gaan op het toch redelijk lijkend verzoek van veel leden om het woord 'onweerlegbaar' te verwijderen uit de omschrijving van een wetenschappelijk vraagstuk? Daar zijn verschillende redenen voor, maar laten we beginnen met de aloude vraag cui bono?, in de moderne variant, 'waar gaat het geld heen?'

Een hoop mensen hebben veel baat bij het luiden van de noodklok over het klimaat. Het levert overheidsgeld op voor academisch onderzoek en is een reden voor overheidsinstellingen om te groeien. Het is ook een excuus voor regeringen om de belasting te verhogen en met belastinggeld betaalde subsidies te geven aan bedrijven die weten hoe ze het politieke systeem moeten bespelen. Ook stimuleert het grote donaties aan goede doelen die beloven dat ze de planeet gaan redden.

Koolstofvrij

Namens veel wetenschappers en technici die de klimaatwetenschap zorgvuldig en onafhankelijk hebben bestudeerd, hebben wij een boodschap voor iedereen die een politiek ambt ambieert: er zijn geen overtuigende wetenschappelijke argumenten voor drastische actie om de wereldeconomie 'koolstofvrij' te maken. Zelfs als we de overtrokken klimaatvoorspellingen van het IPCC voor waar aannemen, rechtvaardigt dat economisch gezien nog niet een agressief beleid voor het terugdringen van broeikasgassen.

Uit recent onderzoek naar een breed scala van beleidsopties door Yale-econoom William Nordhaus blijkt dat de bijna hoogste kosten-batenratio wordt bereikt door een beleid van nog eens vijftig jaar economische groei die niet wordt gehinderd door het terugdringen van broeikasgassen. Daar zouden vooral de minder ontwikkelde delen van de wereld baat bij hebben, die ook weleens willen genieten van het materiele welzijn, de gezondheid en de levensverwachting die de ontwikkelde landen al hebben. Een ander beleid zou leiden tot een negatieve opbrengst van investeringen. Daarbij is het waarschijnlijk dat meer CO2 en de bescheiden opwarming die daarvan misschien het gevolg is onze planeet in het algemeen goed doet.

Instrumenten

Als gekozen ambtenaren zich genoodzaakt voelen 'iets te doen' aan het klimaat, raden wij hun aan de uitmuntende wetenschappers te steunen die bijdragen aan ons begrip ervan door gebruik te maken van instrumenten in satellieten, in de oceanen en op het land en door een analyse van de observatiegegevens. Hoe beter we het klimaat begrijpen, hoe beter we kunnen inspelen op de steeds wisselende aard ervan die het leven van de mens door de hele geschiedenis heen al parten speelt. Veel van de enorme private en publieke investeringen in het klimaat zijn echter hoognodig toe aan kritische herziening.

Elke presidentskandidaat moet rationele maatregelen ondersteunen die het milieu verbeteren, maar het is totaal zinloos om dure programma's overeind te houden die veel geld kosten en die gebaseerd zijn op 'onweerlegbare' bewijzen die onrust zaaien, maar onhoudbaar zijn.

Namens:

Claude Allegre, voormalig directeur van het Institute for the Study of the Earth, Universiteit van Parijs;

J. Scott Armstrong, medeoprichter van het Journal of Forecasting en het International Journal of Forecasting;

Jan Breslow, hoofd van het Laboratorium Biochemische Genetica en Metabolisme, Rockefeller University;

Roger Cohen, fellow, American Physical Society;

Edward David, lid van de National Academy of Engineering en National Academy of Sciences;

William Happer, hoogleraar natuurkunde, Princeton;

Michael Kelly, hoogleraar technologie, University of Cambridge, U.K.;

William Kininmonth, voormalig hoofd klimaat onderzoek van het Australische Bureau of Meteorology;

Richard Lindzen, hoogleraar atmosfeerwetenschap, MIT;

James McGrath, hoogleraar scheikunde, Virginia Technical University ;

Rodney Nichols, voormalig voorzitter en CEO van de New York Academy of Sciences;

Burt Rutan, ruimtevaarttechnicus, ontwerper van Voyager en SpaceShipOne;

Harrison H. Schmitt, Apollo 17-astronaut en voormalig Amerikaans senator;

Nir Shaviv, hoogleraar astrofysica, Hebrew University, Jerusalem;

Henk Tennekes, voormalig directeur KNMI;

Antonio Zichichi, voorzitter van de World Federation of Scientists, Genève.

 

http://www.volkskrant.nl/(...)fvrij-te-maken.dhtml